Dak winterklaar maken: checklist voor het najaar
September en oktober zijn de beste maanden voor dakonderhoud. Het is nog droog genoeg om veilig te werken, het blad valt nog niet massaal en de eerste najaarsstorm moet nog komen. Wat u nu nakijkt, hoeft u straks niet bij regen en wind op te lossen. Hieronder de checklist die wij zelf aanhouden, met per punt wat u zelf kunt en wanneer het werk voor een dakdekker is.

Waarom u dit in het najaar doet en niet in januari
Een dak faalt zelden uit het niets. Bijna alle winterschade die wij herstellen, begint bij iets dat er in het najaar al zat: een nokvorst die los lag, een goot die vol zat, een loodslab die was opgelicht, een scheurtje in de dakrand. De winter doet daar alleen nog wat bij: wind trekt eraan, water loopt erin en vorst duwt het verder open.
Daar komt bij dat u in het najaar nog kunt kiezen. Een reparatie die u in oktober rustig inplant, is in januari een spoedklus bij regen, met een noodafdichting erbij. Dat is ongemakkelijker en het werk is er niet beter van.
1. Goten en afvoeren leeg en vrij
Dit is het belangrijkste punt van de hele lijst. Een goot vol blad, mos en zand loopt bij een stevige bui over. Dat water komt achter de goot langs op het houten boeideel terecht en trekt via de dakrand naar binnen. Vriest het daarna, dan zet het ijs in de goot uit en drukt de goot uit zijn beugels.
- Haal blad en slib eruit en spoel na met een tuinslang.
- Kijk of het water netjes naar de afvoer loopt en niet ergens blijft staan.
- Controleer de afvoer zelf: loopt het water door, of borrelt het terug?
- Kijk naar de beugels: zit de goot nog strak vast en helt hij de goede kant op?
- Voel aan het boeideel onder de goot. Zacht, donker hout betekent dat er al langer water langs loopt.
Doe dit bij voorkeur als het grootste deel van het blad gevallen is, en anders twee keer: nu en eind november. Zit de goot hoog of vertrouwt u de ladder niet, laat het dan doen; zie dakgoot reinigen en repareren.
2. Pannen, nokvorsten en gevelpannen
Bekijk het dakvlak van een afstand, vanaf de straat of vanuit een raam aan de achterkant, het liefst met een verrekijker. U zoekt pannen die scheef liggen, gebroken zijn of een andere kleur hebben dan de rest, en gaten in de rij waar een pan mist.
Let daarna op de nok. Zit er specie tussen de nokvorsten en brokkelt die eruit? Dan zijn de vorsten aangesmeerd en laten ze op termijn los. Bij storm zijn dat de eerste onderdelen die gaan. Geschroefde nokvorsten met een droge nokconstructie zijn de blijvende oplossing; zie nokvorsten. Ook de gevelpannen aan de zijkant van het dak zijn windgevoelig: die horen mechanisch vast te zitten.
Liever laten nakijken door iemand die er verstand van heeft? Onze dakinspectie is gratis en u krijgt een foto-rapport van de staat van uw dak.
3. Lood, zink en aansluitingen
Rond de schoorsteen, bij dakkapellen en in kilgoten zit lood- of zinkwerk. Dat is het onderdeel dat het meeste te verduren krijgt en dat na twintig tot dertig jaar scheurt bij de vouwen. Kijk naar opgelichte randen, scheuren, witte uitslag op het metselwerk eronder en kit die is uitgehard en losgelaten.
Kit is overigens nooit de oplossing bij dit soort aansluitingen, hooguit een tijdelijke noodgreep. Lood hoort ingelaten te zitten in het metselwerk en met voldoende overlap te liggen. Zie lood- en zinkwerk voor hoe dat hoort. Bij een schoorsteen speelt daarnaast het voegwerk en de afdekplaat mee; kijk daarvoor bij schoorsteen repareren.
4. Platte daken: randen, afvoer en plassen
Heeft u een platte uitbouw, garage of berging, kijk er dan van bovenaf naar vanuit een bovenraam. Aandachtspunten:
- De afvoer: vrij van blad, en het liefst met een bladvanger erop.
- Plassen: water dat na twee droge dagen nog staat, wijst op doorhangend beschot of te weinig afschot.
- Blazen en scheuren in de toplaag, vooral bij de randen en hoeken.
- De opstand tegen een muur: laat die los, dan loopt water er direct achter.
- Grind dat is weggespoeld, waardoor de bedekking bloot ligt.
Een plat dak dat blad vasthoudt gaat sneller achteruit, want vochtig blad houdt de bedekking permanent nat. Ruim het weg voor de winter. Is de bedekking op, dan is najaar het laatste goede moment; zie plat dak vernieuwen.
5. Dakdoorvoeren, antennes en overhangende takken
Elke doorvoer door het dak heeft een manchet die veroudert: ontluchting van de riolering, mechanische afzuiging, kabeldoorvoeren van zonnepanelen, een oude schotelbeugel. Gescheurde manchetten geven kleine lekkages die u pas merkt als het beschot al maanden nat is. Kijk op zolder met een zaklamp of er rond de doorvoeren donkere kringen zitten.
Controleer ook of alles wat op het dak gemonteerd staat nog stevig vastzit, en snoei takken terug die boven of tegen het dak hangen. Takken schuren pannen kapot, houden het dakvlak nat en leveren de goot een winter lang blad. Hangt er een grote tak over uw dak, dan is dit het moment.
6. De zolder van binnenuit
Het halve onderhoud doet u binnen, zonder ladder. Neem een zaklamp mee naar de zolder, liefst tijdens of vlak na een bui, en schijn schuin langs het dakbeschot. Natte plekken glanzen. U zoekt:
- donkere kringen of witte zoutuitslag op het hout;
- daglicht dat door het dakvlak schijnt waar dat niet hoort;
- schimmel op het beschot of op opgeslagen spullen;
- isolatie die is samengeklit of vochtig aanvoelt;
- een muffe lucht, wat op onvoldoende ventilatie wijst.
Condens op zolder is in de winter een apart verhaal: warme, vochtige lucht van binnen slaat neer tegen een koude onderkant van het dak. Dat lijkt op lekkage maar is het niet. Goede isolatie en ventilatie lossen het op; zie dakisolatie.
Wat u zelf doet en wat u uitbesteedt
Zelf doen kan prima: kijken op zolder, het dak van een afstand beoordelen met een verrekijker, takken snoeien, en een goed bereikbare goot leegmaken vanaf een stabiele ladder met iemand erbij.
Niet zelf doen: op een hellend pannendak klimmen, op een plat dak stappen waarvan u de staat van het beschot niet kent, werken op hoogte bij wind of nat weer, of een ladder tegen een goot zetten die u niet vertrouwt. Elk jaar vallen er mensen van hun eigen dak tijdens onderhoud dat een vakman in een uur had gedaan.
Najaarscontrole laten doen
Wij lopen bij een gratis dakinspectie alle punten van deze lijst na en maken er foto's bij. U krijgt daarna een rapport met wat acuut is, wat kan wachten tot het voorjaar en wat helemaal niet nodig is. Blijkt uw dak nog jaren mee te kunnen, dan zeggen wij dat gewoon.
Komt er intussen al water binnen, wacht dan niet op de inspectie: bij daklekkage komen wij zo snel mogelijk langs en zijn wij 24/7 bereikbaar op 085 - 06 02 853. Vanuit Breukelen zijn wij snel in de regio Utrecht en het Gooi, en daarbuiten werken wij door heel Nederland.